Problemen bij Fifi, de hond van Timo (beschrijving door de eigenaar)
Fifi is een zwarte Labrador, van het vrouwelijk geslacht en is zes jaar oud
• Ze is zeer nerveus, loopt onrustig heen en weer, beweegt veel
• Ze is bang voor lawaai, slaat in paniek bij lawaai. Als ze bijvoorbeeld ergens een knal hoort, blijft ze stokstijf staan en is ze verstijfd van angst. Als de feestklokken luiden, heeft ze een slechte dag.
• Na op zekere dag om vier uur in de namiddag een luchtballon te hebben gezien, heeft ze een enorme angstaanval gekregen. Nu krijgt ze iedere dag rond hetzelfde uur nog steeds dezelfde angstaanval: ze gaat eerst schuw het plafond van de huiskamer afspeuren, en daarna verdwijnt ze onder de tafel en is ze er voor een tijd niet meer vanonder te krijgen.
• Angst voor het geluid van de regen op het platte keukendak, omdat ze dat associeert met de donder. Angst voor de donder.
• Ze is bang voor het donker. Ze wil ‘s avonds in het donker niet meer naar buiten. Ze ziet in alles vijandigheid. Als ze bijvoorbeeld verkeerslichten ziet, is ze zeer angstig.
• In de avonduren, als het donker wordt, wordt ze gespannen. Ze kan niet rustig liggen slapen. Ze jankt, ze beweegt, ze gaat op en neer lopen. Ze zit voortdurend rond te kijken.
• Verlatingsangst, angst als Timo vertrekt, dat hij niet meer terugkomt. Je ziet de angst in haar ogen en in haar gedrag. Ze wordt onrustig, ze gaat janken.
• Ze kan moeilijk alleen zijn. Als Timo haar lang alleen gelaten heeft, dan krijgt hij niet het normale welkom als hij thuiskomt. Ze is gefrustreerd, ze is boos. Ze kwispelt niet met haar staart, ze gaat van Timo weg.
• Als er iets onverwacht gebeurt, is ze zeer snel gespannen. Ze is zeer snel alert: wat gebeurt er?
• Angst voor alles wat rond is: als ze een bal ziet, gaat ze er in een boog omheen.
• Angst voor vuilnisbakken. Als ze een vuilnisbak ziet op straat, staat ze verkrampt stil, begint ze te janken, en gaat ze er in een boog omheen.
• Ze is bang voor het lawaai van de kinderen bij de buren. Als ze de kinderen hoort, begint ze te beven. Ze wil zich verbergen onder een tafel. Ze voelt zich veiliger met iets boven haar hoofd, of ze wil naar boven in de slaapkamer omdat ze zich daar veilig voelt.
• Bij een man die we regelmatig ontmoeten als we gaan wandelen, wordt ze ongedurig en begint ze te beven.
.
.
Patronen bij Fifi
Er is geen enkel verschil tussen het voelen van het innerlijk van dieren en het voelen van het innerlijk van mensen.
Een hond is vol onvoorwaardelijke liefde voor anderen. Dit is het resultaat van een energie ‘liefde’. Maar een hond is ook veel te onderworpen, volgzaam en gedwee, laat zich slecht behandelen en probeert weer in de gunst te komen, verdedigt zich niet, komt niet op voor zichzelf. Dit is het resultaat van patronen.
• In de gunst willen komen, geliefd willen zijn.
• Je moet liefde geven.
• Energieën van steeds weer kunnen vergeten en vergeven en affectie voor andere wezens.
• Hunkeren naar aandacht.
• Echt haar best willen doen om het baasje te plezieren.
• Ze wil haar liefde tonen: op iemand springen en likken.
• Ze kan niet begrijpen dat iemand een ander wezen kwaad zou doen.
• Als het baasje kwaad is, begrijpt ze dat niet en probeert ze weer in de gunst te komen.
• Goedheid, speelsheid, ziet alleen het goede in alles, leeft van dag tot dag.
• Vertrouwen in anderen.
• Zal op haar hoede zijn als iemand haar iets gedaan heeft, ze zal op afstand blijven. Het gaat om iets dat ze niet begrijpt.
• Ze moet het baasje trouw zijn.
• Onderworpen, doet wat de ander verlangt, wil plezieren.
• Ze vecht niet als ze geslagen wordt, maar ze ondergaat en probeert weer in de gunst te komen.
• Ze denkt niet, ze kent alleen het huidige moment, ze kent geen verleden en toekomst. (Ik (Ingrid) heb al dieren gevoeld die wel denken en redeneren.)
• Zware onderdrukking van de intelligentie. (Indien deze ziel in een mens zou incarneren, zou die ook een lage intelligentie hebben, omdat de energieën van intelligentie onderdrukt zijn.)
• De angst voor de luchtballon is het resultaat van een patroon dat een scène voorstelt. Er is een donkere sfeer, de omgeving is donker. Langwerpige, brede roodbruine voorwerpen gaan op en neer, raken de grond niet en stijgen tot op tien meter hoogte, gaan weer naar beneden. Daarbij is er een krakend geluid en een hevig gevoel van angst dat samengaat met de beelden. Dit patroon wordt geactiveerd bij het zien van de luchtballon.
• Angst voor het donker. Er is een patroon dat een sfeer inhoudt: het is donker en een gevoel van alleen en verloren zijn in dat donker, en weer een knarsend geluid, en weer een enorme angst. Dit patroon wordt opgewekt als het donker wordt.
• Angst voor alles wat rond is. Er is een patroon om de sfeer op te wekken van de gekleurde bruine bollen die zich in de lucht op grote hoogte door mekaar bewegen en weer is er de angst.
