. Ik ben over het algemeen stabieler.
. Studeren gaat steeds beter. Ik leer steeds met meer plezier.
De studiestof is de laatste maanden flink toegenomen. Het lukt me vrij goed om de studiestof te studeren. Ik heb de examens tot nu toe met een ruim voldoende gehaald. Het laatste examen was het zwaarste en ik haalde net een voldoende.
Ik kan sneller memoriseren en ik begrijp de dingen sneller dan voorheen. Ik begrijp complexe zaken sneller dan voorheen. Ik ben minder snel in paniek als ik iets niet begrijp.
Toch had ik tot en met het laatste examen nog moeite om geleerde studiestof lang te blijven onthouden en makkelijk weer op te halen. Mijn spanningshoofdpijn was door de enorme hoeveelheid leerstof die ik te verwerken kreeg erger geworden. Bij het laatste tentamen was ik meer onzeker en verkrampt dan de examens ervoor en was ik bang het examen niet goed te maken. Ik had dan ook wel een enorme hoeveelheid leerstof moeten verwerken en ik had niet alles kunnen studeren. Tevens moest ik tijdens het studeren regelmatig even liggen of wat anders doen i.v.m. hoofdpijn, vermoeidheid en vol zitten met informatie. Ik had een tijd voor het examen last van buikkrampen en nervositeit.
Voor het volgend examen is er weer een bijzonder grote hoeveelheid leerstof te verwerken. Er is nog meer leerstof dan voor het vorig examen. Desondanks kan ik de leerstof heel vlot verwerken. Ik merk nog een verbetering in snelheid van onthouden/memoriseren. Voor het eerst merk ik ook dat ik ingestudeerde stof langer kan onthouden en sneller kan ophalen/reproduceren. Dat geeft mij veel vertrouwen en maakt mij rustiger. Ik voel geen nervositeit, angst en heb geen buikkrampen deze keer. Mijn spanningshoofdpijn is verminderd.
Omdat ik dingen nu langer kan onthouden lukt het mij beter om verbanden te leggen tussen verschillende specialismen binnen de geneeskunde. Zoals bijvoorbeeld immunologie en klinische genetica. Ik kan ook beter het onderscheid maken tussen belangrijke leerstof en minder belangrijke leerstof. Mijn ruimtelijk inzicht is niet verbeterd. Indien ik mij in de anatomie les een lichaamsdeel moet voorstellen in relatie tot andere delen van het lichaam, zoals b.v. de alvleesklier, lukt mij dat nog steeds moeilijk als ik geen foto of tekening voor mij zie.
. Mijn gezondheid is licht verbeterd. Ik voel me minder gespannen in mijn buik en in mijn lichaam. Mijn darmen functioneren beter, ik heb minder last van mijn darmen.
De plekken eczeem op mijn vingers en handen die verdwenen waren zijn eerst teruggekomen en daarna weer verdwenen. Het eczeem op ellebogen en handen-vingers is beduidend minder dan voorgaande jaren. Het eczeem op mijn scheenbeen is iets erger geworden, ik heb een grote rode plek op mijn scheenbeen die ik tot nu toe nog niet dikwijls gehad heb. Ik heb nog altijd jeuk op mijn benen. De uitslag in mijn liezen is onverminderd (dit was beter maar is weer teruggekomen).
Ik kan niet beter slapen en ik ben nog dikwijls moe, zeker ‘s morgens bij het opstaan. Ook al heb ik meer energie.
. Ik heb het weer moeilijker om mijn kaalheid te accepteren en ik vind mezelf minder aantrekkelijk erdoor. Ik verlang er heel erg naar dat mijn haar normaal zou kunnen groeien.
Ik krijg nog altijd opmerkingen van anderen over mijn lengte (o.a. lange Jan) maar het raakt me minder dan voorheen.
. Ik heb een vrouw kunnen loslaten die ik al twee jaar heel leuk vond, maar die niet in mij geïnteresseerd was en die waarschijnlijk ook niet bij mij past.
Ik ben nog steeds vrijgezel met een sterk verlangen naar een leuke vrouw die echt voor mij bestemd is. Het verlangen naar een vrouw houdt me weer meer bezig. Het vertrouwen dat ik ooit de juiste vrouw zal vinden is laag.
. Ik voel me meer en meer ontspannen naar vrouwen toe en ik maak makkelijker contact met vrouwen. Een aantal keren is een meisje spontaan met mij beginnen praten, wat ik heel fijn vond. Reacties van vrouwen op mij op een negatieve manier en die mij van stuk kunnen brengen, raken mij steeds minder.
. Ik voel me iets makkelijker in de omgang met een vrouw die ik heel leuk vind. Ik reageer ook minder verkrampt. Maar ik kan door mijn verkramptheid, onhandigheid en nerveus zijn wel nog steeds onplezierig reageren.
. Het kunnen leggen van nieuwe contacten met mensen is opmerkelijk verbeterd. Dit vooral in de sportschool. Ik ben minder krampachtig in mijn praten, in mijn reageren, ik kan op een luchtige manier meedoen met de anderen. Dat kon ik vroeger niet. Daardoor is de reactie van anderen op mij ook aangenamer. Ik voel mij zekerder bij contacten, ik durf sneller wat te zeggen, ik ben minder bang van de reacties van de anderen.
. Het werk gaat heel prettig. Het gaat steeds beter en plezieriger op het werk. Hierdoor vind ik het werken in mijn vrije dagen geen enkel probleem. Contacten op het werk verlopen steeds plezieriger. Ik krijg meer waardering en sympathie van mensen op het werk. Er is meer wederzijdse interesse voor elkaar. Er is meer diepgang in onze gesprekken en ik kom nu ook meer te weten over de dromen en doelstellingen van anderen, omdat deze thema’s nu spontaan aan bod komen.
Ik merk dat ik nog wel hoge eisen stel aan mezelf en mij ongemakkelijk voel als ik iets niet weet terwijl ik dat wel had kunnen weten vanwege mijn geneeskunde studie. Wel lukt het mij om hier makkelijker over heen te stappen.
. Ook het werken met de ouders van de zieke kinderen die vaak toch aardig angstig, bezorgd, gespannen zijn gaat vrij soepel en het contact met de kinderen gaat best heel leuk, ondanks het feit dat ik nu alleen maar in het weekend werk, en weinig tijd heb om goede contacten met de kinderen op te bouwen. Nu gaat het contact heel snel heel makkelijk, dit had ik nooit verwacht.
. De relatie met mijn ouders gaat steeds beter en mijn verwijten (over het verleden) naar hen toe worden steeds minder. We hebben steeds minder kritiek op elkaar. Ik ga steeds minder in de verdediging bij mijn moeder en ik kan beter naar haar luisteren zonder haar af te keuren.
. Ik voel me minder onzeker bij dingen die ik moet doen. Ik heb meer zelfvertrouwen. Het gevoel iets niet te kunnen blijft nog aanwezig, maar is aan het afnemen.
. Mijn angst om uitgelachen te worden en mijn angst die ik voel in groepen, en die beide al aanwezig zijn van in mijn vroege kinderjaren, zijn sterk verminderd.
Tijdens de laatste groepsbijeenkomsten van de groep geneeskundestudenten voelde ik mij beduidend zelfverzekerder en meer op mijn gemak. Ik was minder onzeker om vragen te stellen. Als de spot werd gedreven met mijn kritische opmerkingen voelde ik dat minder als een negatieve kijk op mij. Ik liet mij er niet meer door van mijn stuk brengen.
De angst om uitgelachen te worden of om dom gevonden te worden is beduidend minder. Alhoewel ik mij nog altijd dom voel als een ander b.v. sneller dan mij kan antwoorden.
Ik ben veel meer ontspannen en vlotter tijdens groepsmeetings. Heel plezierig !! Het is heerlijk om mij thuis te voelen in een groep. Ik vertrek met een goed gevoel uit de groep en ik heb geen hoofdpijn of verkramping meer achteraf, ik heb achteraf geen schaamtegevoelens meer.
. Ik durf iets beter spreken voor een groep, maar ik sta nog altijd niet graag in de belangstelling op die manier.
. Ik sla nog weinig in paniek. Als het toch gebeurt kan ik snel over de paniek heen stappen en weer helder denken en op de juiste wijze handelen.
. Ik kan bij nieuwe taken of situaties steeds beter de zaken op korte termijn goed organiseren en goed laten verlopen.
. Ik kan steeds beter relativeren en loslaten. Ik ben steeds minder teleurgesteld en van slag over allerlei dingen. De moed kan mij nog wel eens kort diep in de schoenen zinken en ik kan nog wel eens een gevoel van wanhoop voelen, maar het lukt mij om snel weer te herstellen en verder te gaan.
. Ik ben steeds minder gevoelig voor kritiek. Daardoor ben ik ook minder snel van slag in diverse situaties. Ik voel me niet meer zo snel aangevallen door opmerkingen en ik schiet niet meer zo snel in de verdediging.
. Schuldgevoelens zijn steeds minder aanwezig. Ik ga mij niet meer verontschuldigen bij schuldgevoelens. Ik kan beter schuld bekennen indien ik schuldig ben aan iets.
. Ik ben minder kwaad, agressief of flink gefrustreerd in contact met mensen. Ik erger me beduidend minder aan mensen.
. Ik ben minder gesloten en durf meer open te zijn. Ik ben minder bang om belachelijk over te komen of om afgewezen te worden. Ik kan mij iets beter uitdrukken en ik durf iets beter mijn gevoelens uiten.
. Langzamerhand aan voel ik dat ik beter neen durf zeggen en dat ik geen angst meer voel om de sympathie van de ander te verliezen.
. Ik ben niet meer jaloers op mannen die er goed uitzien, vol zelfvertrouwen zijn en die succesvol zijn.
. Ik neem meer rust dan vroeger en ik voel mij steeds minder gejaagd ondanks dat ik een heel druk leven heb. Ik jaag me niet meer op als er veel moet gedaan worden of om alles te studeren.
. Ik doe veel dingen niet meer met tegenzin.
. Ik word steeds meer volwassen in mijn gedrag en reageren.
. Ik ben niet meer kwetsend naar andere mensen toe.
. Ik kan steeds beter luisteren naar andere mensen, ook als mij iets dwars zit.
. Ik kan mezelf steeds beter waarderen.
. Ik houd er nog steeds van bevestigd te worden door anderen, maar ik ben er niet meer zo hard mee bezig om bevestiging te krijgen en ik voel me ook niet meer rot als ik het niet krijg.
. Ik kan steeds beter complimentjes geven aan anderen.
. Ik kan gemakkelijker liefde geven en ontvangen en ik voel geen angst meer om gekwetst te worden.
. Ik heb minder erotische fantasieën en ben minder bezig met seks/masturbatie. Ik heb er ook minder schuldgevoelens over. Mijn seksuele problemen (premature ejaculatie) is niet verbeterd.


